Kinderen 18 na een scheiding: wie betaalt wat en wat is redelijk?
Voor veel gescheiden ouders voelt de achttiende verjaardag van hun kind als een onverwacht kantelpunt. Niet zozeer emotioneel, maar vooral financieel. Op papier wordt een kind meerderjarig, maar in het dagelijks leven verandert er vaak weinig. Ze wonen nog thuis, eten mee en volgen onderwijs of zoeken hun plek op de arbeidsmarkt. De kosten lopen door, terwijl juist op dat moment belangrijke inkomensbronnen wegvallen.
Dat roept vragen op. Zeker als ouders na een moeizame scheiding al jarenlang een kwetsbaar evenwicht hebben gevonden. Wat is redelijk om te blijven betalen? Wat verandert er juridisch? En hoe voorkom je dat deze nieuwe fase opnieuw tot conflicten leidt?
Het wegvallen van kinderbijslag en toeslagen
Wanneer een kind 18 wordt, stopt de kinderbijslag en vervalt ook het kindgebonden budget. Voor veel huishoudens betekent dat een forse inkomensdaling, terwijl de vaste lasten nauwelijks afnemen. Juist dit spanningsveld staat centraal in het recente Nibud-rapport De financiële knip op 18 jaar.
Uit dit onderzoek blijkt dat de inkomens van ouders soms met honderden euro’s per maand dalen zodra een kind 18 wordt. Tegelijkertijd komen er nieuwe kosten bij, zoals een eigen zorgverzekering, het eigen risico en onderwijsgerelateerde uitgaven. De inkomsten die jongeren zelf ontvangen, bijvoorbeeld uit studiefinanciering of een bijbaan, compenseren dit verlies vaak maar gedeeltelijk.
Het Nibud benadrukt dat deze overgang voor veel gezinnen niet geleidelijk verloopt, maar als een abrupte financiële knip wordt ervaren. Dat geldt niet alleen voor gezinnen met een minimuminkomen, maar ook voor huishoudens die daarboven zitten.
Wat verandert er juridisch na het 18e jaar?
Ook juridisch verandert er het nodige wanneer kinderen 18 worden. Tot die leeftijd wordt kinderalimentatie betaald aan de verzorgende ouder. Vanaf 18 jaar verandert dit in een bijdrage in de kosten van levensonderhoud en studie. Die bijdrage is voortaan bedoeld voor het kind zelf en niet meer voor de ouder.
Belangrijk om te weten is dat het bereiken van de 18-jarige leeftijd op zichzelf geen reden is om de alimentatie te verhogen. De rechter ziet dit niet automatisch als een wijzigingsgrond. Het wegvallen van kinderbijslag en kindgebonden budget bij één ouder betekent dus niet dat de andere ouder ineens meer moet gaan betalen.
Dit kan wringen, vooral wanneer één ouder tot dat moment veel verblijfsoverstijgende kosten betaalde en verwacht wordt dat dit zo blijft.
Studiefinanciering en eigen inkomsten van kinderen
Als kinderen gaan studeren, krijgen zij recht op studiefinanciering. Dat biedt verlichting, maar het is belangrijk om realistisch te blijven over wat dit wel en niet opvangt. Studiefinanciering is bedoeld voor de jongere zelf en komt niet automatisch ten goede aan het huishoudbudget van de ouder.
Gaan kinderen niet studeren, dan wordt vaak verwacht dat zij gaan werken. In dat geval kan hun inkomen hoger zijn dan de eerdere toeslagen. Ook dan geldt dat het nodig is om hierover duidelijke afspraken te maken. Zonder die afspraken ontstaat gemakkelijk onduidelijkheid en spanning, terwijl juist stabiliteit nodig is in deze fase.
Het Nibud signaleert dat ouders het vaak lastig vinden om hun kinderen te vragen bij te dragen aan de kosten van het huishouden. Tegelijkertijd blijven de uitgaven voor wonen, energie en dagelijkse kosten grotendeels gelijk.
Verblijfsoverstijgende kosten: wat is redelijk?
Na een scheiding rijst vaak de vraag wie de verblijfsoverstijgende kosten blijft betalen zodra kinderen 18 zijn. Denk aan kosten voor kleding, zorg, school en sport. Er bestaat geen vaste regel dat deze kosten automatisch bij één ouder blijven liggen.
Wat redelijk is, hangt af van meerdere factoren. De draagkracht van beide ouders speelt een rol, net als de behoefte van de kinderen en hun eigen inkomsten. Ook bestaande afspraken in een convenant zijn van belang.
Juist omdat geld na een scheiding een gevoelig onderwerp kan zijn, helpt het om deze vragen te benaderen vanuit feiten en inzicht in plaats van aannames en verwachtingen.
Inzicht geeft rust
Sommige ouders kiezen ervoor om een draagkrachtberekening en een behoefteoverzicht te laten maken. Niet om de strijd opnieuw aan te gaan, maar om helderheid te krijgen. Wat kan ik redelijkerwijs bijdragen? Wat is niet langer haalbaar? En welk deel mogen of moeten de kinderen zelf dragen?
Zo’n overzicht helpt niet alleen in het gesprek met de andere ouder, maar ook voor jezelf. Het voorkomt dat je blijft betalen vanuit schuldgevoel of angst voor conflict, terwijl de financiële realiteit dat eigenlijk niet toelaat.
Het gesprek met je kinderen
De overgang naar 18 jaar vraagt niet alleen om juridische en financiële herijking, maar ook om een ander gesprek met je kinderen. Zij worden volwassen en krijgen meer verantwoordelijkheden. Dat betekent niet dat je ze loslaat, maar wel dat de onderlinge verhoudingen veranderen.
Goede afspraken over bijdragen, verwachtingen en ruimte voor studie of werk zijn geen teken van falen als ouder. Integendeel. Het is een manier om hen stap voor stap te begeleiden naar zelfstandigheid, zonder dat dit ten koste gaat van de financiële stabiliteit van het gezin.
Tot slot
Wanneer kinderen 18 worden, verandert er veel tegelijk. Inkomsten verschuiven, kosten blijven en verwachtingen zijn niet altijd uitgesproken. Zeker na een scheiding kan dit voelen als een nieuwe bron van spanning.
Door tijdig inzicht te creëren, realistische afspraken te maken en het gesprek open te voeren, ontstaat er ruimte. Ruimte voor rust, duidelijkheid en een nieuwe balans die past bij deze levensfase.
Veelgestelde vragen over kosten en alimentatie als kinderen 18 worden
Moet ik alimentatie blijven betalen als mijn kind 18 wordt?
Ja, meestal wel. De kinderalimentatie verandert vanaf 18 jaar in een bijdrage in de kosten van levensonderhoud en studie. Wat je betaalt, moet passen bij jouw draagkracht en bij de behoefte van je kind.
Wordt de alimentatie automatisch hoger als mijn kind 18 wordt?
Nee. Het bereiken van de 18-jarige leeftijd is op zichzelf geen reden om de alimentatie te verhogen. Het wegvallen van kinderbijslag en kindgebonden budget bij één ouder leidt niet automatisch tot een hogere bijdrage van de andere ouder.
Aan wie betaal ik de bijdrage na het 18e jaar?
Vanaf 18 jaar heeft het kind zelf recht op de bijdrage. In de praktijk kunnen ouders en kinderen samen afspreken hoe dit wordt geregeld, maar juridisch is de bijdrage bedoeld voor het kind en niet meer voor de ouder.
Mag studiefinanciering worden meegenomen bij het bepalen van de bijdrage?
Ja. Studiefinanciering wordt gezien als inkomen van het kind en mag worden meegenomen bij het vaststellen van de behoefte. Dit betekent niet dat ouders niets meer hoeven bij te dragen, maar wel dat er rekening mee gehouden mag worden.
Wat als mijn kind werkt en geen studie volgt?
Als een kind werkt, wordt verwacht dat hij of zij in redelijkheid bijdraagt aan de eigen kosten. Het inkomen van het kind mag worden meegenomen bij het bepalen van wat ouders nog bijdragen.
Moet mijn meerderjarige kind bijdragen aan de kosten van het huishouden?
Daar bestaat geen vaste regel voor. Veel ouders maken hierover afspraken met hun kind, zeker wanneer het thuis blijft wonen. Wat redelijk is, hangt af van de financiële situatie van het gezin en van het inkomen van het kind.
Wie betaalt de verblijfsoverstijgende kosten na het 18e jaar?
Er is geen automatische verdeling. Wat redelijk is, hangt af van de draagkracht van beide ouders, de behoefte van het kind, de inkomsten van het kind en de afspraken die eerder zijn gemaakt.
Is het verstandig om een draagkracht- of behoefteberekening te laten maken?
Ja, dat kan veel duidelijkheid geven. Een berekening helpt om inzicht te krijgen in wat haalbaar en redelijk is en voorkomt dat beslissingen worden genomen op basis van aannames of spanningen.
Rapport NIBUD downloaden?
rapport: de financiele knip op 18 jaar (2026) pdf